Aanpassing Richtlijn 292 Leasing

De aanpassing Richtlijn 292 Leasing is afgelopen week gepubliceerd door de Raad van de Jaarverslaggeving (RJ). Dit is gedaan via ‘Uiting-2019-9‘. Met uitzondering van een kleine tekstuele correctie zijn ten opzichte van de eerdere Uiting 2019-3 geen veranderingen opgetreden. De aanpassingen hebben betrekking op de ‘grote’ RJ bundel voor middelgrote- en grote rechtspersonen.
In de ‘kleine’ RJ bundel voor kleine rechtspersonen wijzigt vooralsnog niets; hoofdstuk B11 kan ongewijzigd gebruikt blijven worden.

Inwerking treden van de aangepaste richtlijn wordt voorgesteld voor boekjaren beginnend op of na 1 januari 2020, of indien gewenst is eerdere toepassing akkoord. In de jaaruitgave van de ‘grote’ RJ-bundel 2020 , die in september zal verschijnen, zijn de aanpassingen opgenomen.

Wat verandert er?

Beoordelen of een overeenkomst een lease bevat:
Met het in werking treden van IFRS16, verplicht per 1 januari 2019 voor beursgenoteerde bedrijven of zij die vrijwillig hiervoor kiezen, vervalt een onderdeel (IFRIC4-Determining whether an arrangement contains a lease-), waardoor aanpassen van de Nederlandse richtlijn geboden is. De Raad verwacht een beperkte impact voor bedrijven.

Overgangsbepaling:
1. Bestaande leases hoeven niet opnieuw getoetst te worden aan de nieuwe regels
2. Indien de onderneming er voor opteert, mogen de nieuwe bepalingen voor groepen (categorieën) activa met terugwerkende kracht worden toegepast.

Informatie in de toelichting:
De Raad kiest voor een meer verplichtend karakter van het opnemen in de toelichting van informatie over aangegane lease overeenkomsten. Naar verwachting van de Raad zal de te verstrekken informatie over leases overeenkomen met hetgeen bijvoorbeeld financiële instellingen nu al vragen.


Voor vragen: Neem contact op met Tweuus.



Getagd met ,